Door: D. Denker
Het is alweer een tijdje geleden, dat de kooplui van de Verenigde Provincies logistieke voorzieningen voor hun West Indische koopvaardij nodig hadden. De opvarenden van de WIC schepen moesten aangesterkt worden, het gejatte zout uit Venezuela moest in veiligheid gebracht worden en de slaven uit Afrika moesten verhandeld worden. De Spanjolen werden daartoe van enkele van hun Caribische rotsvestingen verjaagd.

Onze genesis
Sindsdien begonnen wij te bestaan, net zoals de andere volkeren van Amerika. Nieuw volk, uit mengen en roeren van semieten, kaukasiers, negers, chinezen en what have you, ging zich identificeren met de plaats waar ze zich toevallig bevond. De volgende stap was soevereiniteit, zelfstandigheid en onafhankelijkheid. We bevrijdden ons van onze eigenaar. Als wij dan deels de fel begeerde soevereiniteit bereikt hadden, legden wij ons een volgend onderscheid op. Geloof en kapitaalbezit, want rangen en standen moeten er zijn.

Meer overeenkomst dan verschil
Toch ontdekten we, dat we meer gemeen hebben dan we verschillen. We voelden de noodzaak om onze krachten te verenigen, als in het gezin waar de dappere broer en zorgzame zuster, de handen in elkaar slaan om het achterlijke broertje te beschermen tegen de zevenkoppige draak. We wipten met volle overtuiging en mendelden maar door. Soms lijken we op elkaar en even vaak ook niet. De één is slim, de ander sterk. Sommigen van ons zijn bloedmooi, anderen aartslelijk. We beginnen al aardig een echt volk te worden.

De suiker en olie introduceerden de industrie bij ons zonder dat we ooit een ambacht hadden bedreven. Het kapitalisme drong zich aan ons op. Binnen 150 jaar moesten wij niet alleen leren wat het is om vrije mensen te zijn. We moesten leren, dat arbeid weliswaar produceert, maar kapitaal dat exponentieel doet.

We moesten het verschil tussen vrijheid en zelfstandigheid leren en in minder dan 100 jaar doordrongen zijn van de westerse beschaving, die zich voor onze nieuwe
gelijken over al meer dan 500 jaar had ontwikkeld. Tot overmaat van ramp, moesten wij ons gedragen alsof wij wisten wat democratie is.

Plotseling van survival of the fittest naar liberté, égalité en fraternité, tussen slaven, bewakers, indentured servants en meesters.

Gemeenschap in wording
Onze 6 eilandmaatschappijen zijn nog in wording. Er is niet één aspirant-staat; er zijn er 6. Allemaal te klein om economisch haalbaar te zijn. Eenheid en economy of
scale hebben we tot nu toe als echte eilandbewoners, afgewezen. Er rest ons slechts chantage gebaseerd op het kolo-niaal verleden, of gebruikmaken van het wiel, dat reeds is uitgevonden.

Arubanen, Curaçaonaars, Bonairianen, Martianen, Sabanen en Statianen, die als verwende kinderen om hun palufriu zeuren, zullen vroeger of later hun paliza ontvangen. Caribische Nederlanders, die als presterende medeburgers bijdragen aan de welvaart van het Koninkrijk wacht het beste van twee werelden.

De keus is aan ons.
Wij kunnen er niets aan doen, dat we nog jong zijn en een shit jeugd achter de rug hebben, maar we kunnen wel proberen ons verstand te gebruiken. Wij hebben gelijk, maar zullen dat nooit zo maar krijgen. We zullen het moeten bewijzen.

Tags: slave

Comments

  • Be the first to comment, please use the form below.

Post A Comment





0.6242 // 49