Brief aan Tweede Kamer corruptie Nederlandse Antillen
Downlaod This Document (.pdf)
-
Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties ^ i^
De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-
Generaal
i.a.a. de voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-
Generaal
Oatum
23 maart 2008
C ns kenmerk
2306-0000126334
Onderdeel
CGKB/KR
Inlichtingen
Crs. M.V.G. Laan
7 070-4266602
F 070-4268227
Uwkenmerk
Onderwerp
Corruptie Nederiandse Antillen
Tijdens het ordedebat van 11 maart 2008 is verzocht om een brief over corruptie
in de Nederiandse Antillen en de maatregelen die ik tref om de corruptie te
bestrijden. Deze brief zend ik u mede namens de Minister van Justitie.
Problematiek
ln de NOVA-reportage over corruptie in de Nederiandse Antillen werden diverse
misstanden in het Nederiands-Antilliaans bestuur aan de kaak gesteld. Het beeld dat
uit de reportage naar voren komt correspondeert met recent verschenen rapporten,
zoals het WODC-rapport over Sint Maarten en het Zwartboek over Bonaire, dat ik
aan het Nederiands-Antilliaans Openbaar Ministerie heb aangeboden. Dit beeld vind
ik verontrustend. Ik beschouw met name de structuur (of het gebrek aan structuur)
die corruptie mogelijk maakt als problematisch.
Blad
1 van 3
A antal bijlagen
1
Bezoekadres
Schedeidoekshaven 200
2511 EZ DenHaag
Postadres
Postbus 20011
2500 EA Den Haag
Internetadres
uww.mlnt)zk.nl
Ik benadruk dat de deugdelijkheid van het bestuur op de eilanden primair een
verantwoordelijkheid is van het land Nederiandse Antillen en de eilandgebieden. De
Nederiandse Antillen hebben laten zien deze verantwoordelijkheid serieus te nemen.
Dit blijkt onder andere uit cormptiezaken die voor de rechter zijn gebracht en tot
veroordelingen hebben geleid. Hiermee geven de Nederiandse Antillen blijk van
'zelfreinigend vermogen'. Nederiand draagt bij aan de bevordering van het deugdelijk
bestuur door middel van ondersteuning en het stellen van harde criteria in het
staatkundig veranderingsproces.
Ondersteuning
Nederiand biedt ondersteuning die is gericht op het versterken van het bestuur in
de Nederiandse Antillen en daarmee het beperken van de mogelijkheden voor
corruptie. In de eerste plaats financiert Nederiand de samenweridngsprogramma's
Institutionele Versterking en Bestuurskracht. In het kader van deze
programma's verstevigen de eilandgebieden onder andere hun 'checks &
balances', voeren zij hun integriteitsprogramma's uit en versterken zij het
financieel beheer en de financiële controle. Ook ondersteunt Nederland door
KJ
h>
Qj
LJ
KJ
Qj
Qj
CO
middel van technische bijstand de gezaghebbers in de uitvoering van hun
toezichthoudende taken. Daamaast is het door Nederiand gefinancierde Plan
Veiligheid Nederiandse Antillen gericht op de structurele verbetering van de
organisaties in de rechtshandhavingsketen. Het Plan Veiligheid Nederiandse
Antillen 2, dat is vastgesteld op 21 januari 2008, richt zich op de Instituties die
worden genoemd in de Slotveri<laring van 2 november 2006. Dat zijn het
Openbaar Ministerie, het Gemeenschappelijk Hof van Justitie, het
gevangeniswezen, de politie en de vreemdelingenketen. Afgesproken is dat
binnen dit programma de meeste aandacht zal uitgaan naar de politie en de
vreemdelingenketen (70% van het budget). Van het budget voor het Plan
Veiligheid Nederiandse Antillen 2 zal 50% worden besteed aan Sint Maarten.
Daamaast is er € 9 miljoen extra vrijgemaakt voor het gevangeniswezen op de
Nederiandse Antillen.
Datum
21) maart 2008
Ons kenmerk
2006-0000126334
Onderdeel
DGKB/KR
BIsd
2 van 3
Staatkundige verandering
De voorgenomen staatkundige veranderingen leggen extra druk op de eilanden
om de kwaliteit van hun bestuur te verbeteren. De nieuwe staatkundige structuur
kan pas gerealiseerd worden als de eilanden voldoen aan de criteria die gesteld
worden aan de deugdelijkheid van bestuur en aan de afspraken op het terrein
van rechtspleging en rechtshandhaving en op het terrein van financiën.
De criteria waaraan de eilanden moeten voldoen, zijn vastgelegd in bijgevoegde
brief van 7 maart 2006 van de Voorbereidingscommissie Ronde Tafel
Conferentie. Het gaat om criteria waaraan de constituties, de wetgeving en het
overheidsapparaat van de nieuwe entiteiten moeten voldoen. Adequate
regelgeving op het terrein van corporate govemance is één van die criteria.
Afspraken over corporate govemance maken bovendien deel uit van het
financieel toezicht.
De criteria zijn onderschreven door Curasao en Sint Maarten in het bestuuriijk
overleg van 2 november 2006. Ook in de Slotverklaring van de Miniconferentie
van 11 oktober 2006 wordt naar deze criteria verwezen. Deze set van criteria en
afspraken (waar bijvoorbeeld ook het financieel toezicht onderdeel van uitmaakt)
moeteen voldoende niveau van deugdelijk bestuur waarborgen. Hiermee moet
een situatie van hoger toezicht kunnen worden voorkomen.
Zoals aangegeven in mijn briefvan 11 raaart 2008 is de problematiek in de
gevangenissen op Sint Maarten, Curagao en Aruba een verantwoordelijkheid van
de Ministers van Justitie van de Nederiandse Antillen respectievelijk Aruba. Ik zal
de door u genoemde problemen, die ook in de NOVA-uitzendingen aan de orde
werden gesteld, op korte termijn met hen bespreken.
liAinisterit van Binnenlandse Zaken en Konlnkriiksrelaties • ^ ^ ^A
Qj
NJ
G!)
Qj
De antwoorden op de vragen over de Isla-raffinaderij, die op 21 februari 2008 zijn
gesteld, heb ik u separaat toegezonden.
Datum
20 maart 2008
Ons kenmerk
21)06-0000126334
Onderdeel
DGKBrttR
Biad
3 van 3
DE STAATSSECRETARIS VAN BINNENLANDSE ZAKEN EN
KONINKRIJKSRELATIES,
drs. A.Th.B. Bijleveld-Schoute
Minhterie van Binnentandse Zaken en Koninkrijksidaties w J ^ ^ ^
KJ
Q^j
C..J*
KJ
Qj
Qj
Co
IS
s s
Sl Kabixiet v an de MiniGter-President
Ministerie van Algemene Zaleen
Postsidcei
Postbus 20001-
2500 EA Den Haag
ËexOekftdrei
Biancntof 19, De» Haag
Conta.CEpectaoD
K. vas. Zwol
E-CBli)
r.van2:wol@miziaz.nI
T e l e f o on
070 356 4518
de vootaatter vaa de Ronde Tafelconfereïities,
de Yootzitter xran de Rijksministemt^d,
Mcdr. J.P. Baïketiende
' t r
070 363 32 14
Diitaia
7maaft2006
Koomerk
06M4«2317
Onderverp
CritEria - ïtTC
^iM ^ccUh. K'^^'^^-fkt^W^c^^^
Tijdens de a^elopen K.TC van 26 novembex 2005 is afgespro^ai dat eind tnaaxt 2006
eeA RTC gdiouden zal woiden 'n^atin de cxiteda be^rokieo zuUeo woideiL waaxaan
de constttotics, de "wetgeróng a i het oveiheddsappataat van de nieatwt entiteitea
binnen het Komnkdjk moeten voldoeu.
Ter vooibeteidiög op de RTC heeft dc voorbeieidingscoxxiXQissie in haar v.^gadcdng
van a%dopen 24 fcbruao over VDorstcUen inzake de aatsa^ beraadslaagd- Het
betrefc hier finandeel-economische ciiteria» cótaia terzake de recbcszekedbieid en
deugdeüjUifid. van bestuur, en criteria cciet betrekbdng toc de direcde en nieuwe
banden van de eilagdea Bonairei. Saba en Smt Bustattus. Over een gtoot aantal
cdteda hebben de del^aties overeenstexDuoing bereikt De voorbexeidiagscommissie
heeft vas^esteld dat ten aanzien vaneen aantal andere cdccda ambtelijk gesn
consensus -was. Het betreft hier zowel de inhoud als de mate ak het abstraclieniveau
Tan diverse cdtecia. Aan het dot van deze bnef is een oveizicht gevoeg vsn de
cntena '^raaiover niet en waarover wel consessos is bereikc.
Ovengens zal daarnaast de samenhang tussen de drie dusters van cntsda nog kritisch
bezien moeten woiden.
Voorts heeft de V-RTC:
« een overzicht van ^ g oiet benoemde* onderweipen besproken dis tot •
nadere opdrachten leidt voor de werkgroepen. Landen en de V-RTC;
• meer in het byzonder vastgesteld dat draaiboeken moeten worden
voorbereid voor dc opbouw van de nieuwe entiteiten en de afbow van het
Land Nederlandse AntiUen;
• waargenomen dar de doodichting van de finandHe situatie en van het
financieel beheer, waarvan in de slotveddanng van de Start RTC is
afgesproken dat deza "in de komende vier maanden' (d.w.2, uiterlijl: ultimo
maart) zou moeten worden uitgewedct, nog de nodige inzet vereist
KJ
K-v
Qj
CJl
KJQj
Qj
Co
De V-RTC hecht grote waarde aan dc voortgang van het staatimnd^
vemietrwin^pzoces. Om die reden adviseert de V-RTC om voomi^aasde aaa de
RTC p<^^iek ovedeg te laten plaatsvinden tussen Nededand en de afeondedijbe
landen en eilandgebieden. Doel van het polideke oved^ is de resterende ctüexia te
formuleren en fcoe^raoten weg tc nemen Todaióg dat de RTC ook op deze p untea
besluicen kan nemen Daarin is begr^en de viaag of et naar de raening van I ién van
-de deleg^ies nog essentiële nitftria onti)zekfin, aaisgezicn de V-RTC zich niei:met
zoved woorden over die vraag heeft geboden, •
Hoewel zulks niet o^lioetin de veugadering van de V-RTC van 24 febmari jL is
besproken, kan ik mij voorstellen dat de ovetige onderweipen wsaiover in d<; V-RTC
is gesjproken eveneens in het politiek oved^ aan de orde komen gelet het sneven
van auGb betrokkenen om de nïeowe vedioudingen reeds per 1 juH 2007 Jn te doen
gaan.
De V-RTC meent dar het polxtieke oved^ een noodsikel^ke stap is om een
succesvoUe RTC te bmnen laten plaaisvindeo. De V-RTC bevedt u aan oa tet
politieke beraad en op basis van diens resultaten de datum voor de volgende RTC te
bepalen.
Namens d e V<Tr»t4^frTTiding<rr>TT»migeif RTC,
De Algemeen Seccetaxisj \Aie^ V« j ^ * * * ^ HGap&é-l^h*"}
7] _^,.^ "If
Cc JSdinisber President van de Mederlandse Antülen.
Minstee President van Aioba
De besttmtscoQ^es van Cura9ao^ SÜnt-Maarten, Bonaire,
SintBostatias en van Saba
De leden van de Voorbereidingscommissie RTC
De vooïzitcers van de Wedsgrocpen V-RTC
KJ
Qj
LJ
KJ
Qj
Qj
s
^ • Kabinet van de Minister-President
Ministerie van Algemene Zaken
VOORBEREIDINGSCOMMISSIE RTC (V-RTC)
CRITERIA TER TOETSING VAN DE CONSTITUTIES, DE
WETGEVING EN HET OVERHEIDSAPPARAAT VAN DE NIEUWE
ENTITEITEN BINNEN HET KONINKRIJK
Onder punt 4 van het Hoofdlijnenakkoord van 22 oktober 2005 is gesteld dat in hct
proces van staatkundige herstructurering in gezamenlijkheid normen i;n criteria
worden opgesteld die aansluiten bij de waarborgfunctie als bedoeld in art. 43 van het
Statuut en waaraan alle entiteiten in het Koninkrijk moeten voldoen. Dit is in de
slotverklaring van de start RTC d.d. 26 november 2005 herhaald en nader toegespitst
op de constituties, de wetgeving en het overheidsapparaat van de entiteiten binnen
het Koninkrijk, met dien verstande dat bij het opstellen van de criteria de bepalingen
van het Statuut in acht worden genomen.
I. Overzicht van punten waarover geen consensus is bereikt
Rechtszekerhdd en Deugdehjkheid van Bestuur
1. De inrichting van de samenwerking terzake het Gemeenschappelijk Hof van
Justitie.
Op basis van ervaring met het functioneren van het Gemeenschappeüjk Hof
van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba geldt dat ei: sprake zal zijn
van goede en onafhankelijke rechtspraak in de nieuwe entiteiten indien het
Gemeenschappehjk Hof hoger beroepsinstantie bUjft met de nodige
substantie dat het professioneel en onafhankehjk kan functioneren. Hetzelfde
gddt voor het Gerecht in Eerste Aanleg, dat een personele unie is met het
Gemeenschappelijk Hof
Cura9ao, Sint Maarten en Aruba stellen de samenwerking niet ter discussie,
maar maken een voorbehoud voor wat betreft de invulling.
2. Constitutioneel vangnet voor Koninkrijk om voorziening te treffen ingeval
implementatie door de landen van intemationale verplichtingen te kort schiet,
ongeacht de vorm waarin deze verphchtingen gegoten zijn.
Curasao, Sint Maarten en Aruba vinden dat het Statuut hierin voldoende
voorziet en zijn tegen het uitbrdden hiervan.
3 De wet- en regelgeving schept ruimte voor een preventieve en effectieve
bestrijding van de grensoverschrijdende criminahteit. De comiequentie
hiervan kan zijn dat alle entiteiten binnen het Koninkrijk erve or zorgen, dat
in hun wet- en regelgeving de thans bestaande samenwerking wordt
verankerd (voorzover dat nu nog niet het geval is) en voor zover notlig
aangepast en wel tussen al die entiteiten. ""^
QJ
KJ
Qj
Qj
CO
-^ Kabinet van de Minister-President
d Ministerie van Algemene Zaken
Dat kan gebeuren hetzij door de taken en/of de bemensing van de bestaande
(gemeenschappehjke) organen aan te passen, hetzij door - incQen
noodzakeüjk en wensehjk — nieuwe gemeenschappehjke organen in het leven
t£; roepen, hetzij door een combinatie van beide.
Terrorisme is per definitie grensoverschrijdend, niets ontziend en
meedogenloos. De preventie en bestrijding daarvan vergt een verder gaande
(vergeleken met de normale criminahteit) mate van speciahstitiche kennis en
knowhow. Samenwerking tussen aUe entiteiten binnen het Koninkrijk en het
gebruik maken cq. inzetten van gespecialiseerde gemeenschaopdijke
organen, waar dan ook in het Koninkrijk en het zonodig treffen van de
benodigde regelgevende voorzieningen is een conditio sine qua non.
De vertegenwoordigingen van Ciu:a9ao, Sint Maarten en Aruba zijn tegen de
bovengenoemde drie criteria. Zij menen dat samenwerking in een
samenwerkingsregeling cq. protocol moet worden vastgelegd, en waar nodig
uitgewerkt in de wetgeving van de entitdten.
4, De nieuwe entiteiten die ontstaan bij ontbinding van het Land de
Nederlandse Antillen, nemen in beginsel de verdragspositie en de
intemationale verplichtingen van het huidige Land over. Een uitzondering
kan worden gemaakt voor verdragen die slechts betrekking hebben op één of
meer, en niet op alle, eilandgebieden van het Land.
De vertegenwoordiging van Cura9ao maakt een voorbehoud in verband met
benodigd intem overleg.
Finandeel-economische Criteria
5. Datum waarop aan alle finandeel-economische criteria moet zijn voldaan.
De Antilliaanse leden van de werkgroep zijn van mening dat een
overgangsfase na 1 juh 2007 onontbeerhjk is om een gezonde startpositie te
bereiken. Curasao wenst een overgangsperiode van vier jaar (2010) voor het
bereiken van een sluitende begroting. Vastgehouden wordt aim de
ingangsdatum van 1 juh 2007 voor de nieuwe status, met ven'olgens cen
overgangsfase om volledig aan de in dit voorstel opgenomen criteria,
waaronder een sluitende begroting, te voldoen.
De Nederlandse leden geven aan dat een gezonde startpositie imphceert dat
aan de in dit document opgenomen criteria, waaronder een sluitende
begroting volledig is voldaan op het moment dat de nieuwe staatkundige
verhoudingen in werking treden. Het begrip "startpositie" heeft namehjk
betrekking op het moment dat de entitdten hun nieuwe status krijgen.
De Nederlandse leden constateren voorts, dat er niet eerder is gesproken
over een overgangsfase. Noch in het Hoofdlijnenakkoord, nc»ch in ae
slotconclusies van de start-RTC is het begrip overgangsfase opgenomen.
Pagina
2/15
ro
CO
Qj
Co
Kabinet van de Minister-President
Ministerie van Algemene Zaken
"• Leningsbevoegdheid voor de kapitaalsdienst
De leden van Cura9ao en Sint Maarten zijn van mening dat dc (nieuwe)
landen Cura9ao en Sint Maarten bevoegd moeten zijn om leningen aan te
gaan voor kapitaaluitgaven, mits deze passen binnen de vastgestelde normen
en die leningen daaraan zijn getoetst door de toezichthoudende instantie.
De leden van Bonaire, Sint Eustatius zijn eveneens deze mening toegedaan
voor hun eüandgebieden. Saba geeft de voorkeur aan een leenbevoegdheid,
maar stelt dit niet als harde eis.
De Nederlandse leden zijn van mening dat de (nieuwe) landen geen
leenbevoegdheid voor de kapitaaldienst mogen krijgen, teneinde nieuwe
schuldopbouw te voorkomen. Kapitaaluitgaven dienen te woiden
gefinanderd door overschotten op de gewone dienst.
7. Sodaal economisch initialief
o Duurzaamhdd
o Finanderbaarhdd
o Sociaal evenwicht
o Naleving intemationale, waaronder fiscale, verphchtingen
Deze norm dient nog nader ingevuld te worden.
8. Schuldquotenorm
De leden van Cura9ao en Sint Maarten zijn van mening dat in samenhang
met de voorgenomen schuldsanering is afgesproken dat een nieuwe
schuldopbouw voorkomen moet worden. Dat vereist een formulering en
naleving van een normering voor de schuldquote gebaseerd op intemationale
standaarden.
De Nederlandse leden zijn van mening dat de hoogte van de
schuldquotenorm wordt gebaseerd op intemationale standaaiden indien deze
gehjk of lager ligt dan de omvang van de resterende schuldpositie na de
Nederlandse bijdrage.
9. Toezicht op naleving begrotingsnorm
De leden van Cura9ao en St. Maarten zijn van mening dat de verankering van
de begrotingsnormen en het aangescherpte toezicht op naleving van de
begrotings- en schuldnormen moeten worden vastgelegd in regelgeving op
Landsniveau.
Nederland is van mening dat de verankering van de begrotingsnormen en het
toezicht op Koninkrijks niveau geregeld dient te worden.
10. Monetair bddd. ^^^
Operationele effidency is hierbij een criterium.
De Nederlandse leden stellen dat er sprake moet zijn van eer. munt'en een
centrale bank wil er sprake zijn van operationele efficiency. ^_j
Qj
Qj
P a g i n a ^^
3/15 ^'
J^ Kabinet van de Minister-President d Ministerie van Algemene Zaken
De leden van Cura9ao en Sint Maarten stellen dat operationele effidency ook
in aparte stelsels bereikt kan worden.
Directie/Nieuwe Banden
11. Rechtshandhaving en rechtspleging.
Nederland stelt dat dit een Koninkrijksaangelegenhdd dient te worden.
De leden van Cura9ao, Sint Maarten en Aruba stellen dat dit soortgehjk als nu
het geval is geregeld dient te worden.
KJ
h-i
G:-
CJ
KJ
Qj
Pagina -^
4 / 1 5 ' ^•^'
^ s • Kabinet van de Minister-President
Ministerie van Algemene Zaken
II. Overzicht van punten waarover consensus is bereikt
Criteria ten aanzien van de democratische besluitvorming
\ De wil van het volk zal de grondslag zijn van het gezag van de overheid.
Deze wü zal tot uiting komen in directe, periodieke, vrije en geheime
verkiezingen van de volksvertegenwoordiging en directe of getrapte
verkiezing van de regering van de landen c.q. van de bestuurscolleges van de
koninkrijkseilanden. De vergaderingen van de volksvertegenv/oordigingen en
in de regel ook die van hun commissies zijn openbaar, inclusief openbare en
tijdige schriftehjke verslaglegging.
2. Gewaarborgd is dat de volksvertegenwoordiging de regering of het
bestuurscollege kan controleren (o.a. vragenrecht, recht van iaterpellatie,
budgetrecht, initiatiefrecht, onderzoeksbevoegdheden). De bc;langrijke
algemeen verbindende voorschriften kunnen uitsluitend met de medewerking
van de volksvertegenwoordiging worden vastgesteld.
3 De verworvenheden van de parlementaire democratie dienen ten minste te
worden geconsohdeerd en aangevuld met elementen van partidpadeve
democratie, waardoor de burgers, al dan niet via de sociale partners en andere
maatschappehjke groeperingen in de samenleving van de landen en de
Koninkrijkseilanden, op meer directe wijze betrokken kunnen zijn bij de
voorbereiding van belangrijke overheidsbeslissingen (bijvoorbeeld recht van
petitie).
4 De vrijhdd van vereniging (pohtieke partijen, inclusief waarbDrgen voor
transparantie rondom de financiering), vergadering en betogiig worden in
wetgeving verankerd.
Criteria ten aanzien van de bestuurs- en besluitvormingsstructuur
K^ Doorzichtighdd van de overheid is een kernelement van de moderne
overheid. De doorzichtigheid van bestuurs- en besluitvormings stmctuur
dient op de eerste plaats te bhjken uit een overheidsorganisatie, waarin de
bevoegdheden, taken en verantwoordehjkheden op zowel pohtiek, bestuurhjk
als op ambteUjk niveau vooraf helder zijn gedefinieerd. Een e ventuele
delegatie of mandatering geschieden op eenduidige en openbare wijze. In elk
geval de voor de burger belastende besluiten of handelingen van dé'overheid
moeten een grondslag vinden in een vooraf geschreven wettt:hjke ïègel.
KJ
Qj
P a g i na
5/15 ^°
ss • Kabinet van de Minister-President
Ministerie van Algemene Zeiken
6. Als uitgangspunten geldt het primaat van de pohtiek en het be^stuur: de
regering bepaalt het overhddsbeleid en is voor de kwahteit van het bestuur
pohtiek verantwoording verschuldigd jegens de volksvertegenwoordiging.
7 De naar buiten werkende besluiten worden vastgelegd en actief en tijdig
bekend gemaakt.
De openheid en openbaarheid van bestuur in de relatie tusse;i overheid en
burgers moet zijn geregeld. Het recht op informatie vervat in
overhddsdocumenten, wordt in algemeen verbindende voors diriften
geregeld (vgl. de vigerende Landsverordening Openbaarheid van Bestuur).
Criteria ten aanzien van het bestrijden van corruptie
9 Het rapport "Konfiansa" wordt, voor ^over dat nog niet is gf:beurd, volledig
gereahseerd door de nieuwe entitdten (waaronder de conceptlandsverordening
met betrekking tot de financial disclosure vin bestuurders).
^0 Er zijn regels voorhanden dïe het op periodieke basis houden van operational
audits en integriteitonderzoeken waarborgen.
Criteria ten aanzien van de respect voor de "rule of law'*
\ \ Er zijn waarborgen voor een onafhankehjk en onpartijdig fiancrionerende
Rechterhjke Macht. Voot wat betreft onafhankehjkheid moeten onder meer
goede regels zijn over benoeming (kroonbenoeming), ontslag (leden van de
rechterhjke macht kunnen alleen worden ontslagen door een tot de
rechterhjke macht behorend gerecht) en rechtspositie van rechters, alsmede
de handhaving van de Hoge Raad als cassatierechter. De wetgevende macht
noch de uitvoerende macht zijn bevoegd bij wijze van een concreet werkend
bevel een rechterhjk ambt voor te schrijven hoe het dient te beshssen.
Teneinde de onpartijdighdd in de rechtspraak te waarborgen worden regels
gegeven omtrent wraking van en verschoam^ door rechters.
12. Er zijn waarborgen voor een slagvaardig en onafhankehjk functionerend
Openbaar Ministerie. Voor wat betreft de onafhankeUjkhdd van het
Openbaar Ministerie zijn er onder meer regels voor de benoeming van de
Procureur-generaal door de Kroon. De verantwoordehjkhdd voor de
handhaving van de strafrechtsorde wordt in handen van een Procureurgeneraal
gelegd. De minister van Justitie kan aanwijzingen geren, welke de
Procureur-generaal ter beoordeling aan het Hof kan voorlegg;en w*cgens strijd
met het recht. De Procureur-generaal is verantwoording verschulcfi^d aan de
Minister van lustitie. ^"'
KJ
Qj
P a g i n a '^^
6/15 co
i d
Kabinet van de Minister-President
Ministerie van Algemene Zaken
13 Waarborgen voor een adequaat functionerende (ten aanzien van integritdt,
bedrijfsvoering, mobihtdt, werkperspectief personeel, huisvesting en
informatiehuishouding) en sluitende rechtshandhavingketen clie op dc taak is
toegesneden. Naast het Pohtiewezen, Gevangeniswezen en d<:
Veilighddsdienst vormen preventie en resodahsatie belangrijke onderdelen
van die keten. Er zijn garanties voor een voldoende schaal van professionele
kwahteit en integriteit (zoals een geweldsinstmctie). Er zijn eenduidige regels
ten aanzien van het beheer en gezag van het Openbaar Ministerie en het
Pohtiewezen. Het Openbaar Ministerie heeft het uitsluitend gezag over de
opsporing. Helder moet zijn geregeld dat het beheer doelmatig wordt
gevoerd.
14 Met eenvormigheid wordt primair beoogt het doelmatig functioneren van de
beroepsinstanties HR en Hof te waarborgen. Het betreft het jDrocesrecht.
Voor wat betreft het gecodificeerd materieel recht en het not:uiaat wordt
concordantie nagestreefd.
Aanbevolen wordt dat de procedures ter zake van de eenvormigheid worden
vereenvoudigd.
15 Het legahtdtsbeginsel, inhoudende dat de overhdd zich dient te houden aan
het recht, moet zijn verankerd in de wetgeving, met inbegrip van de
mogehjkheid dat het overheidshandelen ter toetsing aan de rechter kan
worden voorgelegd.
\(, Gewaarborgd wordt dat de overheid wordt gehouden aan de voor haar
geldende geschreven en ongeschreven regets. Burgers hebben de
mogehjkheid om bezwaar te maken tegen gedragingen van de overheid,
onder meer via inteme procedures van klachtbehandeling. Burgers kunnen in
elk geval bezwaar maken bij de (onafhankelijke) rechterhjke macht en zo
mogehjk bij een onafhankeüjke en deskundige klachtinstantie (ombudsman).
17 De nieuwe entiteiten moeten onder meer door (actieve) voorhchting het
draagvlak voor de naleving van Algemeen verbindende regelï. tn de
samenleving vergroten door bij de rechtsgenoten het bewustiiijn van phcht en
verantwQordehjkheid op te wekken.
Ig Een adequate wetgevingsprocediare en dito we tgevingskwaht dts systeem
(hetgeen onder meer büjkt uit aanwijzingen voor de regelgeving) zï|n
voorwaarden voor een hddere en kwaütatief goede wetgevini» die aan de
eisen van uitvoerbaarheid en handhaafbaarhdd voldoet, gecc>mbineprd met
goede voorhchting, toezicht op de naleving en bedreiging me:t ^..j
Qj
Pa.gina
7/15 '""
s:
s
d
^ Kabinet van de Minister-President
Ministerie van Algemene Zaken
bestuursrechtehjke sancties werkt preventief Gezien het belang van goede
wetgeving in een democratische rechtsstaat dient elk van de nieuwe entiteiten
in het overheidsapparaat een organisatie onderdeel op te nemen, dat
zorgdraagt voor de technische voorbereiding van algemeen bindende regels.
Daartoe dient elke nieuwe entiteit verzekerd te zijn van voldoende capaciteit
aan wetgevingsjuristen.
19 De constituties van de nieuwe entitdten die voor de status van autonoom
land binnen het Koninkrijk hebben geopteerd dienen in verband met de ds
van checks and balances bepalingen te bevatten inzake in elk geval de
instelling, samenstelling en de bevoegdheden van een Raad viin Advies, een
Sociaal Economische Raad (of een daarmee vergeUjkbaar orgiian), een
Algemene Rekenkamer en een ombudsfunctie. De benoemin:>sprocedures
verdienen in dit verband de speciale aandacht.
Criteria ten aanzien van de mensenrechten en de vrijheid van p e r s en
meningsuiting,
20. In de constituties van de nieuwe entiteiten zullen in elk geval de
fundamentele rechten en vrijheden worden opgenomen, zoals neergdegd in
intemationale verdragen, zoals de EVRM en de BUPO, die het Koninkrijk is
aangegaan en medegelding hebben voor de Nederlandse Antillen, waarbij
tevens de grondrechten in de Nederlandse Grondwet en de ^jrubaanse
Staatsregeling in beginsel als paradigma zuUen dienen.
21. Vrijheid van meningsuiting, waaronder mede wordt verstaan de persvrijheid,
is een hoeksteen in het fundament van een democratische samenleving.
Criteria ten aanzien van het overheidsapparaat
22 Er zijn Het overheidsapparaat moet zijn toegesneden op de coor haar te
verrichten taken:
« Alle entitdten hebben een goede otganisatieverordening, inclusief een
wettehjke verankering van een systeem van functiebeschrijving, -
waardering en —beoordeling op basis waarvan aanname, bevordering en
ontslag plaatsvindt.
» Er is een goed samenstel van personele instrumenten.
« Er is een degehjk en effectief personeelsbeheer, adequate
controlemechanismen (inclusief inteme controle) en sancties .
« Er zijn adequate regels op het terrein van corporate govemance, in het
bijzonder ten aanzien van overheidsnv's. Het overheidsapparaat maakt
doelmatig gebruik van middelen.
« Er zijn transparante procedures (bijvoorbeeld voor afgifte van ,
vergunningen en paspoorten en inkoop en aanbestedingen). C\
Pagina
8/15
Qj
Qj
Co
s
N Kabinet van de Minister-President
Ministerie van Algemene Zaken d
Er zijn adequate voorzieningen met betrekking tot inspectietaken.
Criteria ten aanzien van uitvoering intemationale verplichtingev.
23. Er worden met de betrokken instanties van de entitdten adeq aate
voorzieningen getroffen met betrekking tot procedures en
verantwoordehjkheden inzake het buitenlands beldd, onder
verantwoordeUjkheid van de minister van Buitenlandse Zaken. Er dienen
onder meer goede voorbereidingsprocedures gecreëerd te woiden voor
verdragen die mede zullen gelden voor de entitdten en acties op het gebied
van buitenlandse betrekkingen die de entiteiten raken.
Pagina
9/15
KJ
Qj
LJ
KJ
Qj
Qj
Co
s
d Kabinet van de Minister-President
Ministerie van Algemene Zaken
Criteria ten aanzien van de bestrijding van de grensoverschrijdende
criminaliteit en aanpak terrorisme
24 De entitdten zetten de bestaande samenwerking op het terreta van de
bestrijding grensoverschrijdende criminaütdt met inbegrip va:i de aanpak van
het terrorisme voort.
Criteria ten aanzien van de Bnanciën en continuïteit van bestuur
(overgangscriteria)
25. Voor zowel de overgangssituatie als de nieuwe situatie geldt als algemeen
criterium dat de handhaafbaarheid en de finandële haalbaarheid van de
bestuurstaak op aUe onderdelen moeten zijn gewaarborgd.
26. Er zal op koninkrijksniveau een wetteUjke voorziening moeten worden
getroffen om de nieuwe entitdten met de wijzigingen van het Statuut in te
laten stemmen en ook overigens in staat te steUen regeUngen te treffen. Die
rijkswet zal tevens procedurele voorschriften moeten bevatteji. (Als
voorbeeld kan hier dienen de rijkswet van 20 juni 1995, Stb. 370) houdende
vaststelling van enige overgangsbepalingen in verband met het verkrijgen van
de hoedanigheid van land in het Koninkrijk door Aruba.) Hei: is van bdang
dat een dergeüjke rijkswet in werking dient te treden ruim voordat
statuswijzigingen in werking treden.
27. De entiteiten die een status van land zuüen verkrijgen, moeten beschikken
over een grondwet waarin de belangrijkste elementen van het nieuwe
staatsbestel en de grondrechten zijn vastgelegd. Voor de eilanden die directe
banden ambiëren zal op het geëigende niveau, waarbij te denlten valt aan het
Statuut, eveneens de belangrijkste elementen van de nieuwe posirie moeten
worden vastgelegd. Verder zullen de nieuwe entiteiten de toeltomstige
bestuurUjke organisatie moeten bedenken en voorbereiden.
28. Als uitgangspunt voor de positie van ambtenaren kan worderi genomen dat
er als gevolg van het ontstaan van nieuwe entiteiten in beginsel naar wordt
gestreefd dat geen enkde ambtenaar m de Nederlandse AntiUen als overtollig
zal worden aangemerkt. Zij krijgen de gelegenheid over te gaan in dienst van
de nieuwe entiteiten. De nieuwe entitdten nemen voor zover mogeUjk aüe op
hun grondgebied werkzame landsambtenaren en eilandambtenaren over.
Voor zover er toch sprake zal zijn van overtoUighdd, zuüen liiervoor
voorzieningen moeten worden getroffen (sodaal plan).
Qj
P a g i na
10/15
NJ
CSj
Qj
CO
s
s
d
3] Kabinet van de Minister-President
Mimsterie van Algemene Zaken
Alle entiteiten in het Koninkrijk dragen er zorg voor dat oo het geëigende
niveau voorzieningen zijn getroffen die continuïtdt van wetg<;ving en bestuur
waarborgen; dit geldt eveneens met betrekking tot samenwerkingsvormen.
29 Bij rijkswet wordt een gebiedsafbakening tussen de nieuwe entiteiten in de
Nederlandse Antiüen tot stand gebracht.
Criteria ten aanzien van de Gnancieel-economische regelingen
30. finandeel beheer
Hoofdcriterium is dat de finandële huishouding op orde is en. büjft. Dit
imphceert dat in de aanloop naar de nieuwe entiteiten al naar deze situatie
wordt toegewerkt. Het finandeel beheer dient adequaat te zijn vormgegeven
om een gezonde finandële startpositie van entiteiten te reahstJen. De
resultaten van de onderzoeksteams Finandeel Beheer dienen na goedkeuring
door de werkgroep AFP te worden geïmplementeerd. Deze kunnen leiden tot
aanvuUende criteria inzake het finandeel beheer in aanloop naar de nieuwe
staatkundige constellatie. De criteria bevatten in elk geval:
• Adequate begrotingsinfrastmctuur: er is sprake van een
begrotingsinfrastructuur gericht op het uitvoeren en verantwoorden van
het proces, de organisatie en het tijdschema waarin de bej^oting tot stand
komt.
• Functionele comptabele regelgeving: de leemtes in het financieel beheer
worden geïnventariseerd met het oog op het functioneel vormgeven van
de comptabiUtdt
• Effectieve administratieve organisatie: er is sprake van een administratief
systeem gericht op kwaUtdtsgarantie en —controle van de financiële
informatie.
• Tijdige, betrouwbare, volledige, integere, controleerbare, apenbare en
stuurbare finandële informatie: zowel wat betreft uitvoerng als
voorbereiding zijn dit algemene eisen.
31. begrotingsnormering en schuldbeheer.
Ter bevordering en handhaving van budgettaire disdpline en evenwichtige
financiële ontwikkelingen zal bij de voorbereiding, vaststelling en naleving
van de begroting aan een aantal bij wet verankerde normen moeten worden
voldaan. In dat kader worden hieronder de volgende criteria voorgesteld:
• Gewone dienst norm: de gewone dienst van de begre ting dient in een
begrotingsjaar in evenwicht te zijn. Lopende uitgaven moeten worden
gedekt door lopende inkomsten, met dien verstande liat tijdehjke
inkomstenfluctuaties als gevolg van seizoensinvloeden biróièn een
begrotingsjaar opgevangen kunnen worden door kastrekkin^en op
een voorschotrekening bij de Centrale Bank. Deze vciorscHotten
moeten binnen het begrotingsjaar worden afgelost. C'e overheid mag
Qj