Toespraak Emily De Jongh Elhage; VERTROUWEN IN DE TOEKOMST
Download This Document (.pdf)
-
Vertrouwen in de Toekomst, maart 2008 pagina 1
VERTROUWEN IN DE TOEKOMST
Dames en heren,
‘Vertrouwen in de Toekomst': vandaag hebben wij het dus over twee zaken: over
vertrouwen en over de toekomst.
Een toekomst is er altijd. Voor ons als individu (hopen wij) én voor ons als
gemeenschap. Wat die toekomst precies zal inhouden weten we nooit zeker, maar
we kunnen wél proberen die toekomst te beïnvloeden.
Vertrouwen betekent dat wij ons geen zorgen hoeven te maken. Dat we voldoende
kansen zien om onze doelen te bereiken. Ook hier weer als individu én als
gemeenschap.
Maar hiermee is niet alles gezegd. Om te beginnen leven wij in een bijzondere tijd.
Onze gemeenschap is meer dan ooit in beweging vooral vanwege de veranderingen
in de staatkundige structuur die steeds duidelijker vormen aannemen.
Maar ook buiten de eilanden gebeurt er van alles en nog wat. Ik noem maar: de
stijging van de olieprijs, de spanningen tussen onze buurlanden Venezuela,
Colombia en Ecuador, de verharding in de Nederlandse politiek met mensen als
Wilders, Verdonk en Brinkman, de presidentsverkiezingen in de Verenigde Staten,
de voortdurende dreiging van het terrorisme en ga zo maar door.
Maar laten wij dicht bij huis blijven: de staatkundige veranderingen. Als wij in grote
lijnen de historische achtergrond bezien, dan kunnen we het volgende opmerken.
In referenda gehouden op alle vijf eilanden koos de bevolking er in overgrote
meerderheid voor om deel uit te blijven maken van het Koninkrijk. Op Curaçao en
Sint Maarten koos men ervoor autonoom land in het Koninkrijk te worden, op
Bonaire, Statia en Saba om deel van Nederland te worden. Deze uitdrukkelijke wens
van de bevolking is dan ook het uitgangspunt voor de regering.
Eind 2005 werd er een zogenaamde start-rondetafelconferentie gehouden op
Curaçao. Daar is toen inderdaad besloten dat Curaçao en Sint Maarten land binnen
het Koninkrijk zullen worden en dat Bonaire, Saba en Sint Eustatius deel uit zullen
gaan maken van Nederland.
Vertrouwen in de Toekomst, maart 2008 pagina 2
Belangrijk is ook dat toen al, dus eind 2005, unaniem besloten is dat er sprake
moest zijn van een ‘gezonde startpositie' en dat Nederland met een oplossing zou
komen voor de ondragelijke staatsschuld, niet alleen voor de Antillen van nu, maar
óók voor elke nieuwe entiteit. Ik benadruk dat toen alle partijen van alle eilanden
zich ervoor hebben uitgesproken het staatkundig proces te koppelen aan een
financiële gezondmaking. Alle partijen!
Ook is er toen gesproken over ( ik citeer) ‘een deugdelijk begrotingsbeleid, het op
orde brengen van het financieel beheer, een effectief toezichtskader, het voorkomen
van nieuwe schuldopbouw en het nakomen van internationale verplichtingen'.
Ook daaronder staan de handtekeningen van alle aanwezigen.
Overigens merk ik op dat toen ook al besloten werd dat bij het opstellen van de
constituties, de wetgeving en het overheidsapparaat van de nieuwe landen van het
Koninkrijk de bepalingen van het Statuut in acht worden genomen.
We zijn nu meer dan twee jaar verder en in de tussentijd is er van alles en nog wat
gebeurd. In november 2006 werd in Den Haag een slotverklaring getekend tussen
Nederland, Sint Maarten en Curaçao, waarin afspraken werden vastgelegd hoe
cruciale terreinen als de rechtspleging en de rechtshandhaving, het financieel
beheer - waaronder de schuldsanering - en de sociaal economische ontwikkeling
voor de nieuwe landen moet worden geregeld.
Om te beginnen is afgesproken dat Nederland de schulden van het Land en van
Curaçao voor een groot deel zal overnemen, waarbij ook afspraken werden gemaakt
over het financieel toezicht. Dat financieel toezicht is vooral in ons eigen belang en
voorkomt dat er na verloop van tijd weer schulden gaan ontstaan.
Door de schuldsanering zullen in ieder geval de jaarlijkse rentelasten van ruim 300
miljoen dalen tot onder de 100 miljoen gulden per jaar. Dat schept ruimte op de
begroting voor beleid, onder meer op sociale vlak.
Ik merk hier op dat investeren in de mens, het verbeteren van het welzijn van de
bevolking bij alles voorop staat. Niet alleen in de nieuwe staatkundige structuur: ook
nu al heeft dit alle aandacht van de overheid.
Vertrouwen in de Toekomst, maart 2008 pagina 3
Omdat ook Nederland de noodzaak inzag voor investering in de sociale sector zijn in
november ook afspraken gemaakt over een ‘sociaal-economisch initiatief' (SEI).
Voor het land en voor elk van de eilanden is extra geld beschikbaar gesteld voor het
bestrijden van de armoede, voor het stimuleren van economische projecten, voor
het verbeteren van het onderwijs, enz. Voor Curaçao gaat het om een bedrag van
ruim zestig miljoen gulden.
Eerder al stelde Nederland per eiland zo'n twee miljoen beschikbaar voor
zogenaamde ‘quick wins': projecten op sociaal-economisch terrein die op korte
termijn kunnen worden uitgevoerd.
Een derde onderwerp waarover in de slotverklaring overeenstemming werd bereikt
is een extra investering in het Plan Veiligheid Nederlandse Antillen om de
criminaliteit te bestrijden en de veiligheid te vergroten.
In het Plan Veiligheid is inmiddels 44 miljoen geïnvesteerd door Nederland en 11
miljoen door de Antillen zelf.
Tenslotte zijn er ook afspraken gemaakt over een gemeenschappelijk hof en over de
rechtshandhaving. Rechtszekerheid is een van de pijlers van onze gemeenschap en
het is dan ook van het grootste belang dat ook in de nieuwe structuur die
rechtszekerheid gegarandeerd wordt. U als ondernemer en investeerder als geen
ander weet hoe belangrijk dit is voor de economische ontwikkeling van een land.
Deze afspraken vormen het raamwerk voor een betrouwbaar rechtssysteem en voor
een doelmatige en integere overheid waarop de burgers en het bedrijfsleven kunnen
vertrouwen. Dat er weer vertrouwen was bleek meteen na ondertekening van het
slotakkoord, al was dat toen van korte duur omdat de eilandsraad de slotverklaring
afwees. Het zou tot augustus 2007 duren voor het vertrouwen weer hersteld werd,
zoals wij straks zullen zien.
Over die slotverklaring nog dit: op één punt van het akkoord waren er vanaf het
begin bedenkingen bij de Curaçaose deelnemers aan het overleg: op de
zogenaamde bevoegdheid van de Nederlandse minister van justitie, in zijn
hoedanigheid als lid van de ministerraad van het Koninkrijk, om aanwijzingen te
geven aan de procureur-generaal van de nieuwe landen. De vraag is toen gesteld of
dit niet in strijd zou zijn met de bepalingen van het Statuut.
Vertrouwen in de Toekomst, maart 2008 pagina 4
Bij terugkeer van de delegatie uit Nederland heeft de eilandsraad van Curaçao de
slotverklaring verworpen, waarna een nieuw bestuurscollege aantrad. Sint Maarten
en de BES-eilanden gingen wel akkoord met de gemaakte afspraken en zetten het
proces om te komen tot staatkundige vernieuwing voort.
Het Curaçaose bestuurscollege heeft toen geen alternatieven aangedragen, zodat
Curaçao acht maanden aan de zijlijn bleef staan. Acht maanden stilstand, totdat na
de verkiezingen een nieuw bestuurscollege, bestaande uit de PAR, de PNP en de
FOL aantrad en op 28 augustus een ‘toetredingsakkoord' werd getekend. Sindsdien
is het eiland weer volop partner bij de onderhandelingen en wordt er alles aan
gedaan om de achterstand die was ontstaan weer in te halen.
U zult het met mij eens zijn, dat het niet niks is om op een geordende manier,
zonder chaos te veroorzaken, een land op te heffen en tegelijkertijd nieuwe landen
en structuren op te bouwen. Zeker niet als dat moet gebeuren met een relatief klein
ambtenarenapparaat dat er daarnaast ook nog voor moet zorgen dat de normale
dagelijkse werkzaamheden gewoon doorgaan.
Om het nog ingewikkelder te maken, zijn er ook nog trajecten waar de overheid
helemaal geen greep op heeft: de advisering door de Raad van Advies en de Raad
van State en de besluitvorming in de diverse volksvertegenwoordigingen. Wat dat
laatste betreft: zowel de eilandsraden van Curaçao, Sint Maarten, Bonaire, Statia en
Saba, de Staten, de Tweede en de Eerste Kamer moeten zich uitspreken over het
eindresultaat.
En dan laat ik even referenda en verkiezingen buiten beschouwing. Zoals u weet
heeft de eilandsraad van Curaçao besloten dat de bevolking zich in een referendum
moet uitspreken over het eindresultaat van de onderhandelingen. Sint Maarten wil
dat er voor het ingaan van de nieuwe status verkiezingen worden gehouden.
Om een beeld te krijgen over de voortgang in het proces van de staatkundige
veranderingen wordt er nu gewerkt aan een advies dat binnenkort zal uitkomen.
In het verleden is als datum van ingaan van de nieuwe staatkundige structuur 1 juli
2007 genoemd en daarna van 15 december 2008, zonder dat men voldoende
besefte wat er allemaal nog moest gebeuren. Nu hebben wij deskundigen gevraagd
een inventarisatie te maken van wat er nog moet gebeuren, gekoppeld aan een
reëel tijdsschema. Daarmee hopen wij binnen een paar weken duidelijkheid te
Vertrouwen in de Toekomst, maart 2008 pagina 5
krijgen over de haalbaarheid van 15 december 2008, zodat iedereen weet waar wij
aan toe zijn.
U kunt ervan op aan dat alles op alles wordt gezet om tempo te maken, om geen tijd
te verliezen. Want er staat enorm veel op het spel! Hoe eerder de eilanden hun
nieuwe status hebben, hoe eerder wij onze aandacht volledig kunnen richten op het
welzijn van de bevolking, aan de vooruitgang van ons land. Want dáár gaat het
uiteindelijk om: om de toekomst positief te beïnvloeden. Om mensen weer
vertrouwen te geven in hun toekomst.
Maar: er zijn krachten die het proces willen stopzetten. Als argument wordt
aangevoerd dat de autonomie wordt aangetast, dat onze eilanden worden "verkocht"
en worden ‘geherkoloniseerd' door Nederland.
Ik wil duidelijk zijn. Toen Curaçao zich in augustus 2007 weer bij het proces
aansloot, werden er een aantal zogenaamde ‘pijnpunten' geformuleerd, waar
rekening mee moest worden gehouden bij de onderhandelingen. Het ging bij die
pijnpunten vooral om de vraag of hetgeen was afgesproken geen afbreuk deed
aan onze autonomie, niet in strijd was met het Statuut.
Ik kan u zeggen dat met die pijnpunten terdege rekening is gehouden .
Het eerste punt was om het aantal consensusrijkswetten beperkt te houden. In een
consensusrijkswet bepalen de partners in het Koninkrijk vrijwillig om bepaalde
zaken, die tot de eigen autonome bevoegdheid horen, gezamenlijk uit te voeren.
Het aantal consensusrijkswetten is inderdaad beperkt gehouden, zoals de
eilandsraad dat wilde.
De afspraken over de sanering van de schulden en de financiering van het Sociaal
Economisch Initiatief zijn en worden nader geconcretiseerd. Bij de vormgeving van
het financieel toezichtorgaan zijn ook weer de nodige waarborgen voor de eigen
bevoegdheden, de autonomie, ingebouwd.
Over het meest gevoelige punt, dat van de aanwijsbevoegdheid, waar al in
november 2006 bedenkingen over waren, is verder onderhandeld. Op 16 februari
van dit jaar is er uiteindelijk overeenstemming bereikt over de vorm van een rijkswet
waarin onder meer deze aanwijsbevoegdheid geregeld wordt. Met Nederland is
afgesproken dat deze wet aan de Raad van State wordt aangeboden met de
Vertrouwen in de Toekomst, maart 2008 pagina 6
expliciete vraag om na te gaan of de aanwijsbevoegdheid niet in strijd is met het
Statuut. Met onze autonomie dus.
Al met al is zeker 80 à 90 % van de pijnpunten opgelost.
Let wel: het gaat hier om onderhandelingen. Onderhandelen is een zaak van geven
en nemen. Alles krijgen en niets geven is geen onderhandelen. En als ik diep in mijn
hart kijk, en ik geloof ook in uw hart, dan kan ik alleen concluderen dat wij meer
krijgen dan dat wij hebben gegeven.
We mogen dan ook met zijn allen trots zijn op onze onderhandelaars!
Natuurlijk is het goed om op details te letten, puntjes op de i te zetten, en zoveel
mogelijk binnen te halen. Maar dat is niet het belangrijkste. Belangrijker is dat we de
hoofdzaak niet uit het oog verliezen. Onze belangrijkste opdracht is vorm geven aan
de wens van de bevolking, zoals die tot uitdrukking is gekomen in de referenda en
om zorg te dragen voor het welzijn van de bevolking.
In het referendum heeft de bevolking van Curaçao ervoor gekozen om een
autonoom land te worden binnen het Koninkrijk. Binnen het Koninkrijk, herhaal ik.
Dat betekent dat het Koninkrijk ook voor onze bevolking betekenis heeft, dat van ons
verwacht wordt dat wij bereid zijn binnen dat Koninkrijk en binnen de grenzen van
het Statuut samen te werken met de andere partners. Uit vrije wil en met respect
voor elkaar!
Partners overigens, van wie één ook nog eens heeft aangeboden ons in staat te
stellen met ‘een gezonde startpositie' de nieuwe staatkundige status in te gaan.
Nederland is bereid een door onszelf opgebouwde schuld van vijf miljard gulden
over te nemen! Vijf miljard, vijf duizend miljoen gulden... Ik denk dat de meesten van
ons niet eens beseffen hoeveel geld dat is.
En het gaat niet om een lening, die terug moet worden betaald, maar om een
schenking! Nederland neemt onze schuld gefaseerd over. Dat betekent dat
naarmate leningen vervallen, die door Nederland worden overgenomen en betaald.
Daarbij is afgesproken dat er een gezamenlijk financieel toezicht zal zijn: Nederland,
Curaçao, Sint Maarten en de BES-eilanden zien er samen op toe dat de gemaakte
afspraken over begrotingsdiscipline en financieel beheer worden nageleefd.
Vertrouwen in de Toekomst, maart 2008 pagina 7
Is er een ander land dat zo'n aanbod doet? Hoe zouden wij ons ten opzichte van
onze kinderen en kleinkinderen kunnen verantwoorden als wij zo'n aanbod afslaan?
Die schuldsanering is voor de BES-eilanden al ingegaan. Voor het Land, Curaçao
en Sint Maarten gaat de schuldsanering in zodra de consensusrijkswet inzake het
financieel toezicht van kracht wordt. Over die rijkswet is overeenstemming bereikt en
de technische uitwerking ervan vindt nu plaats. Naar het zich laat aanzien is het
halverwege dit jaar zover dat de schulden van het Land en van de eilandgebieden
Curaçao en Sint Maarten gefaseerd worden overgenomen (mits natuurlijk voldaan
wordt aan de bepalingen inzake het financieel toezicht). Met het ingaan van de
nieuwe status wordt dan het restant van de schuld overgenomen.
Met het overnemen van de schuld verandert in één klap de financieel-economische
situatie van ons land en van de nieuwe entiteiten van een desastreuze en
uitzichtloze in een gunstige. De overheid krijgt weer ruimte om te investeren in de
sociale sector, het onderwijs, de economie, de volksgezondheid en noem zo maar
op.
U als ondernemer weet, beter dan ik, dat het rendement op een investering in een
land in belangrijke mate bepaald wordt door de financieel-economische situatie, de
rechtszekerheid, de deugdelijkheid van bestuur en de vooruitzichten van dat land.
Het is dan ook niet voor niets dat er van de kant van investeerders weer vertrouwen
is in de toekomst van onze eilanden. De signalen zijn er na 28 augustus 2007 te
over op ons eiland: investeringen in de bouw, in het toerisme, het overschrijven van
de intekening op de laatste obligatielening, noem maar op. Stuk voor stuk zijn het
signalen dat het vertrouwen in de toekomst van ons land er bij de investeerder weer
is.
Er is - zo realistisch zijn we wel - nog een hele weg te gaan voor we zijn waar we
uiteindelijk willen uitkomen. Maar de route is uitgezet, er is vooruitgang, we zijn vol
goede moed op weg en we weten dat we uiteindelijk de wens van de bevolking vorm
zullen geven. Dat we met zijn allen de nieuwe staatkundige status in kunnen gaan:
zónder die afschuwelijke schuld, met de nodige waarborgen voor een deugdelijk
bestuur, voor de rechtszekerheid en vooral ook met voldoende perspectieven voor
elk van ons voor een menswaardig bestaan, voor een veel belovende toekomst.
Vertrouwen in de Toekomst, maart 2008 pagina 8
Het is goed hier op te merken dat wij geen tijd te verliezen hebben. Wij moeten
beseffen dat de huidige Nederlandse regering weliswaar positief staat tegenover het
staatkundig proces en de overname van onze schulden, maar dat er steeds meer
andere politici zijn die daar heel anders over denken. Die zich afvragen of die twee
miljard euro niet beter in Nederland zelf kan worden besteed.
Tijdens de nationale dialoog enkele weken geleden heeft oud-gouverneur Saleh
gewaarschuwd voor de steeds verdere verrechtsing in de Nederlandse politiek. De
sympathie voor de Antillen neemt steeds verder af en het risico bestaat dat een
volgende Nederlandse regering niet bereid zal zijn de afspraken na te komen. Het is
dan ook van het grootste belang om zo snel mogelijk het proces van de
staatkundige hervorming en de daaraan gekoppelde schuldsanering af te ronden.
Ik maak mij dan ook zorgen om krachten in de maatschappij die willen verhinderen
dat wij ons doel zullen bereiken. Bewust heb ik het niet over mensen die een andere
mening hebben. Verschil van mening moet kunnen. Daar kunnen wij over praten, we
kunnen proberen elkaar te overtuigen. Ik sta open voor overleg en heb dat bij
verschillende gelegenheden laten merken. Niet alleen nu, maar eerder ook al.
Waar ik op doel is het pogen van sommigen om zaken die in het geheel niets te
maken hebben met het proces van staatkundige herstructurering te koppelen aan
dat proces. Zoals bij de protesten van de afgelopen weken, waarbij de recente
prijsstijgingen gekoppeld worden aan de resultaten van de onderhandelingen met
Nederland. Alsof het één met het ander te maken zou hebben.
Feit is echter wel dat de stijging van de kosten van levensonderhoud zeer
zorgwekkend is. Vooral voor de zwakkeren onder ons. Voor de mensen die rond
moeten komen van een minimumloon, van een onderstanduitkering of van hun
ouderdomspensioen. Mensen die iedere dag minder te besteden hebben en zich
terecht zorgen maken over hun toekomst, over de toekomst van hun gezin, hun
kinderen.
Dat alles duurder wordt door factoren die geen van ons in de hand heeft, begrijp ik.
Maar dat neemt niet weg dat wij moeten proberen degenen die het moeilijk hebben
te helpen. Structureel natuurlijk door meer banen, beter onderwijs, betere
huisvesting, betere gezondheidszorg en al dat soort zaken waar de overheid wat
Vertrouwen in de Toekomst, maart 2008 pagina 9
aan kan doen, inclusief - en ik zeg het met nadruk! - een aanpassing van de
minumumlonen aan de gestegen kosten van levensonderhoud. Om mensen in staat
te stellen op menswaardige manier in eigen onderhoud en dat van hun familie te
voorzien. Wij staan er niet bij stil, maar zou u uw familie kunnen onderhouden van
een minimumloon?
En op korte termijn zijn er extra maatregelen nodig om de sociaal zwakkeren zoveel
mogelijk te ontzien, zoals de onderstandtrekkers en de mensen met een klein
pensioen. Daar worden de gelden van de zgn. ‘quick wins' (zo'n twee miljoen per
eiland) en van het Sociaal Economisch Initiatief (voor Curaçao alleen al ruim 60
miljoen gulden) voor ingezet.
Daarnaast komt het bestuurscollege van Curaçao binnenkort met een pakket extra
steunmaatregelen om de meest hulpbehoevenden tegemoet te komen.
Maar er ligt niet alleen een taak voor de overheid. Ook voor het bedrijfsleven is er
een taak weggelegd. In de eerste plaats om de prijzen laag te houden. Maar ook
door meer betrokken te zijn bij het maatschappelijk gebeuren in de wijken, het
inzetten van menselijk kapitaal, het actief deelnemen aan werkgroepen, enz.
Bijzondere tijden vereisen bijzondere inspanningen. Het kan zo zijn dat uw
organisatie niet uitgerust is om prijzen te controleren of om uw leden op hun
maatschappelijke verantwoordelijkheid aan te spreken. Maar in een samenleving
waarin mensen zich onzeker en bedreigd voelen door alsmaar stijgende prijzen,
moet het bedrijfsleven de bestaande grenzen van haar belangenbehartiging
overschrijden.
De praktijk laat immers zien dat de sociaal zwakkeren - ondanks een sterker
wordende economie - toch in de knel kunnen komen te zitten. We mogen niet uit het
oog verliezen dat economie en welzijn rechtstreeks met elkaar te maken hebben.
Ik doe daarom een dringend beroep op u als ondernemers, ingeschreven bij de
Kamer van Koophandel, om op korte termijn een helpende hand te bieden. En om
even kritisch te zijn en even doeltreffende oplossingen aan te dragen als wij van u
gewend zijn in uw waardevolle adviezen.
Kortom ik doe een beroep op u om mee te helpen het vertrouwen in de toekomst
van onze gemeenschap, van uw gemeenschap, te vergroten, vooral bij diegenen die
Vertrouwen in de Toekomst, maart 2008 pagina 10
het nu moeilijk hebben en die het vanwege de ontwikkelingen in de wereld nog
moeilijker zullen krijgen.
Vertrouwend in de toekomst. Want vertrouwen is goud waard. Vertrouwen maakt dat
mensen zich zullen inzetten voor hun gemeenschap. Vertrouwen geeft zekerheid:
voor het individu, voor de overheid en niet in de laatste plaats ook voor het
bedrijfsleven, de investeerder.
Ik geloof in de toekomst van deze eilanden. We hebben het potentieel om er iets
bijzonders van te maken. En nu staan we op een uniek punt in onze geschiedenis.
We hebben de keuze om financieel én bestuurlijk en staatkundig orde op zaken te
stellen, om daarna samen onze schouders eronder te zetten om ook de sociale
achterstand in onze gemeenschap in te halen. Zo bouwen wij een gemeenschap op
waar we met recht trots op kunnen zijn. Een toekomst die wij allen wensen voor
onszelf, voor onze kinderen en voor onze kleinkinderen. Ik vertrouw erop dat ook u
uw steun zult geven om dit waar te maken. Dan kunnen wij met overtuiging zeggen:
"Wij hebben het volste vertrouwen in de toekomst!"
Ik dank u voor uw aandacht.